Mijn kind in de middenbouw

De overgang van de onderbouw naar de middenbouw is een hele stap. De kinderen zitten bijvoorbeeld naar verhouding veel langer aan een tafeltje te werken. En er worden steeds meer eisen gesteld aan het zelfstandig doorwerken.

Wat gebeurt er in de klas?

In de middenbouw gaan kinderen de wereld om zich heen actief ontdekken. Zij zoeken naar oorzaak en gevolg en stellen vaak grote levensvragen. De kinderen krijgen daarom regelmatig ontwikkelingslessen over allerlei onderwerpen. In de middenbouw is veel documentatie aanwezig om aan de behoefte aan kennis te voldoen. Internet is ook een prima instrument om die informatiehonger te voeden en stillen. De ontwikkelingslessen worden onder andere gegeven uit de methode Da Vinci.

Buiten de methode Da Vinci wordt er in de middenbouw met de rekenmethode Rekenrijk gewerkt. Groep 3 werkt met de methode Veilig Leren Lezen en daarnaast werken we met zelfontwikkeld materiaal voor spelling en taal. Buiten de methodes werken we zoveel mogelijk met montessori materiaal.

Wij stimuleren de kinderen om een goede werkhouding te ontwikkelen, doelgericht te werken en zelfstandig opdrachten uit te voeren. Vanaf de derde groep gaan de kinderen werken volgens een eenvoudige dagplanning en in de vijfde groep met een weekplanning. Op deze manier krijgen zij inzicht in hun mogelijkheden en leren zij hun tijd indelen. Net als in de onderbouw werken de kinderen regelmatig op vloerkleedjes.

In de middenbouw heerst een rustige en zelfstandige werksfeer. De ontwikkeling van de zelfstandigheid gaat hier verder. Net als in de onderbouw leren wij de kinderen de klassenregels zodat zij weten wat er van hen wordt verwacht. Zij weten precies wanneer de leerkracht hulp komt bieden of een les geeft. Zij leren dat zij vast een ander werkje kunnen doen wanneer de leerkracht bezig is, of een ander hulp kunnen vragen (uitgestelde aandacht). Ook werken de kinderen met een planning waardoor ze leren hun werk in te plannen. De leerkracht bespreekt regelmatig met de kinderen hoe ze dit het beste aan kunnen pakken qua tijdsindeling en welk werk zij gaan doen in een bepaalde periode. Om de lessen op niveau aan te bieden (differentiatie) en de lestijd goed te gebruiken hoeven niet alle kinderen bij elke groepsles aanwezig te zijn. Sommige kinderen kunnen soms eerder van de les weg, omdat ze zich de stof al eigen hebben gemaakt. Deze kinderen hoeven niet te wachten en kunnen zelfstandig aan de slag. Hierdoor wordt hun zelfstandigheid vergroot. Ook bespreken wij met de kinderen hun leerstijl (“hoe onthoud jij die spellingregel?”) . Kinderen leren elkaar ook goed helpen, hulp aan elkaar te vragen of met elkaar samen te werken.

De middenbouw heeft twee keer per week gymnastiek van een vakleerkracht. Muziek wordt aangeboden door de eigen leerkracht. BEVO wordt drie keer achter elkaar anderhalf uur gegeven, daarna drie weken niet. Gedurende deze drie weken werken de kinderen aan één opdracht.